Prikkelbaarheid neemt dikwijls toe met het ouder worden, maar vaak heeft het een specifieke oorzaak die verholpen kan worden.

Naarmate het leven vordert worden honden meer en meer gewoontedieren. Routine wordt steeds belangrijker, en uiteindelijk voeren honden zelfs bepaalde verrichtingen niet meer uit omdat ze ze willen doen, maar omdat ze ze altijd al gedaan hebben.

Zo kan een hond luidruchtig te kennen geven dat hij dringend naar buiten wil omdat hij altijd op dat uur naar buiten gaat; maar eenmaal buiten gekomen heeft hij geen flauw idee meer wat hij er eigenlijk wilde doen.

Met het ouder worden vermindert de scherpte van de hondezintuigen. Net als mensen hoort hij niet meer zo goed als vroeger, en vooral zijn ogen gaan achteruit. Het zenuwstelsel functioneert minder efficiënt; boodschappen worden door de zenuwen minder snel overgebracht. Dit betekent dat plotselinge geluiden of aanblikken de hond kunnen doen schrikken. Een onverwachte aanraking wekt een schrikreactie op wat een bijtreactie kan veroorzaken. Deze volkomen natuurlijke veroudering kan leiden tot een zekere kribbigheid.

Prikkelbaarheid kan ook worden veroorzaakt door een klein doch chronisch ongemak. Honden klagen niet. Ze gaan gewoon door met leven ook al krijgen ze pijn of zwakte in botten, gewrichten of spieren. Als iedere beweging hem pijn doet is het vanzelfsprekend dat een hond toehapt als hij wordt geaaid. Gelukkig kan door dergelijke verschijnselen veroorzaakte kribbigheid vaak worden bestreden door ontstekingsremmende of andere medicijnen.