Honden hebben emoties, en kunnen dus net als mensen aan depressies lijden.

Honden stellen veel prijs op routine en zekerheid. Ze binden zich emotioneel aan andere honden en aan mensen, en raken overstuur als deze banden worden verbroken.

Dat houdt niet in dat alle honden depressief raken van grote veranderingen in hun leven. Ook hier is het net als bij mensen: sommige passen zich beter aan dan andere.

De honden die de grootste kans hebben onder schokkende gebeurtenissen te lijden zijn die welke een sterke afhankelijkheidsband hebben ontwikkeld met een enkele persoon of een enkele hond. Met andere woorden, volgelingen zullen eerder depressief raken dan leiders. Het probleem kan worden verminderd door ervoor te zorgen dat de hond alle menselijke leden van de groep als co-leiders beschouwt, zodat bij afwezigheid van de een de hondse aanhankelijkheid kan worden overgebracht op de ander.

Tijdelijke scheidingen veroorzaken slechts tijdelijke depressies, maar een definitieve scheiding is veel moeilijker te begrijpen voor een hond. Hoewel het nut twijfelachtig is, kan het in ieder geval geen kwaad om de overlevende hond het lichaam van een overleden mede-huisdier te laten zien en besnuffelen. Als een mens sterft of voorgoed het huis verlaat moet een ander mens ogenblikkelijk de leidersverantwoordelijkheid overnemen, en ervoor zorgen dat de hond aandacht, aanraking, voedsel en discipline blijft ontvangen. Wanneer aldus wordt gehandeld duurt de hondedepressie slechts kort, en medische behandeling is zelden nodig.