Posts Tagged ‘dieet’

Waarom laten mijn mensen mij geen lichaamsbeweging nemen? Ze zeggen dat ik niet van mijn lijn af mag voordat ik volwassen ben.

Mensen maken zich vaak overbodig zorgen dat een pup zichzelf schade zal berokkenen als hij op jonge leeftijd te veel lichaamsbeweging krijgt.

Zolang deze activiteiten niet extreem zijn, is er geen reden waarom hij niet van de lijn mag om zich over te geven aan typisch puppy-achtige baldadigheid.

Wolvenjongen doen dit ook, en ondervinden er geen nadeel van.

Er is een voorzichtige uitzondering en die betreft reusachtige, snelgroeiende rassen als Sint Bernhard en Deense doggen. Deze rassen groeien onnatuurlijk snel. Veel mensen denken ten onrechte dat deze honden geen ontlijnde lichaamsoefening mogen hebben totdat ze volwassen zijn. Dat is niet waar. Hun snelle groei maakt hen kwetsbaar voor beenderproblemen, maar vermijding van lichaamsbeweging is niet het juiste antwoord. Deze honden hebben een evenwichtig dieet nodig met niet te veel maar ook niet te weinig calcium en fosfor. Vlees bevat veel fosfor en weinig calcium. Fosfor verhindert de opname van kalk in de botten waar het zo noodzakelijk is, dus een fosforrijk dieet is slecht voor alle honden maar vooral voor de snelst groeiende. Een dieet dat net iets meer kalk dan fosfor bevat, gecombineerd met vitamine D, zorgt voor een goede botontwikkeling.

Zolang een pup goed gevoed wordt, kunnen zelfs reuzerassen dagelijks van hun lijn af om een redelijke hoeveelheid lichaamsbeweging te nemen.

Elke dag hetzelfde voedsel, is dat wel goed voor mij?

Mits een voeding uitstekend is samengesteld en uitgebalanceerd, bestaat er geen bezwaar tegen dat de hond het gedurende haar hele leven eet.

Dit veronderstelt wel een groot vertrouwen in de vaardigheid der voedselbereiders om ervoor te zorgen dat iedere vitamine, elk sporenmineraal, alle essentiële vetzuren en aminozuren aanwezig zijn in de correcte hoeveelheden, dus variatie in het dieet doet zeker geen kwaad en waarschijnlijk zelfs goed.

Honden worden vaak echte gewoontedieren. Ze stellen routine op prijs, waaronder soms de wetenschap dat ze een bepaald voedsel iedere dag op een bepaald uur krijgen. De frequentie is belangrijk.

Anatomisch gezien is een hond erop gebouwd om zich een- of tweemaal per week volledig vol te proppen en dan de aldus opgebouwde reserves te verbruiken.

Als ze de kans krijgen vinden ze het prettiger om vaker te eten, minstens een- of tweemaal per dag. Deze frequentie wordt vroeg in het leven bepaald, en later kan ze wel zonder problemen worden verhoogd, maar de hond vindt het heel onaangenaam als ze wordt verminderd.

Uit standpunt van voedingswaarde is het aantal maaltijden per dag onbelangrijk; slechts het aantal dagelijkse calorieën is van belang.

Het veranderen van merk of de overgang van de ene naar de andere soort zoals droog, halfdroog of blikvoer, is voor sommige honden heel opwindend terwijl andere er juist diarree van krijgen.

Een alternatief is het handhaven van wat de hond lekker vindt, en daar vitaminen en mineraalsupplementen aan toe te voegen. Deze zijn waarschijnlijk overbodig maar in de vorm van snoepjes smaken ze lekker, kunnen worden gebruikt als beloning bij de training, vullen wellicht een onbekend gat in de voedselvoorziening op en doen, wanneer ze tenminste in de aanbevolen hoeveelheden worden verstrekt, geen kwaad.

Soms laat ik zo’n smerige winden dat ik er zelf de kamer door wordt uitgejaagd. Hoe kan ik dit verhinderen?

Darmgas wordt geproduceerd door bacteriën, en het aantal gas-vormende bacteriën is afhankelijk van het gegeten voedsel.

Verandering van dieet is het verstandigste wat een hond onder bedoelde omstandigheden kan doen om sociaal wat meer aanvaardbaar te worden.

Winderigheid wordt vaak in verband gebracht met bepaalde groenten zoals bonen en erwten, maar er zijn nog veel meer voedselsoorten die bacteriegroei in het maagdarmkanaal van de hond bevorderen. In feite kan niet eens precies worden vastgesteld wat nu wel en wat nu niet tot winderigheid bij honden leidt.

 Theoretisch is vezelrijk voedsel een boosdoener, en voedsel meteen hoog eiwitgehalte niet. In de praktijk echter veranderen sommige sterk eiwithoudende maaltijden van puur vlees de hond in een ware gasfabriek, terwijl een vezelrijke hap van lage kwaliteit dat soms helemaal niet doet.

Antibiotica leiden soms tot euvelriekende winden omdat ze het inwendige bacterie-evenwicht verstoren. Als dit gebeurt kan het eten van yoghurt met ‘goede’ bacteriën het probleem oplossen.

In andere omstandigheden moet de hond zijn eetgewoonten veranderen door verschillende voedselcombinaties uit te proberen, elk gedurende een paar weken, om erachter te komen welke combinaties de fraaiste drollen met het minste gas produceren. Als een hond erg gesteld is op zijn bestaande dieet en niet wil veranderen, kunnen yoghurt of andere speciale bacteriën bevattende voedsel-supplementen aan zijn maaltijd worden toegevoegd om de spijsvertering te verbeteren, en ervoor te zorgen dat de hond zich weer zonder schaamte in alle kringen kan vertonen.

Advertenties