Zowel beloning als discipline worden gebruikt bij het trainen van honden.

Voedsel en fysiek contact zijn de belangrijkste beloningen, terwijl sociale isolatie en boze woorden geschikte straffen zijn. Een enkele keer, maar dat is heel zeldzaam, wordt lijfstraf toegepast In vrijwel alle gevallen is het in het belang van de hond zelf om toe te laten dat hij getraind wordt, doodeenvoudig omdat goedgetrainde honden een veiliger en zekerder leven leiden. Voedsel is een stimulerende beloning – zo krachtig dat sommige honden zo hun best doen om het te krijgen, dat ze gewoon vergeten dat ze worden getraind! In zulke gevallen moet aanraking worden gebruikt als beloning. Verschillende aanrakingen hebben verschillende betekenissen.

Een simpel klopje of aaitje is voldoende om een hond te belonen voor goed werk. Prijzende woorden zijn ook geschikt, maar maken minder indruk dan voedsel of aanraking. Het positieve gebruik van beloningen is een veel betere manier om honden te trainen dan het gebruikmaken van bestraffende discipline.
Wanneer honden echter gedragsstoornissen vertonen kan discipline noodzakelijk zijn. Lakenswaardig gedrag zoals het achternazitten van schapen kan slechts worden veranderd door disciplinaire maatregelen die krachtiger zijn dan de kick die de hond van het schapenjagen krijgt. Dit is een van de zeldzame gelegenheden waarbij, na het inwinnen van professioneel advies, de mensen een elektrische halsband bij hun hond kunnen proberen.

Voor minder ernstige vergrijpen zijn boze woorden, het laten schrikken van onverwachte geluiden, of lijfelijke isolatie voor maximaal twee minuten zeer effectieve en vaak bijzonder werkzame methoden om de training kracht bij te zetten.