Mensen vinden het heel leuk om dat met honden te doen, dus zal het niet veel moeite kosten om hen in die richting op te voeden.

Er is bij beide partijen wel een zekere natuurlijke neiging of aanleg voor vereist.

Mensen en honden die er graag hun gemak van nemen zijn in dit spel niet geïnteresseerd, evenmin als door geuren geobsedeerde honden; daarom is het moeilijker om een snuffel-grage bloedhond te leren apporteren dan een kwispelende labrador.

De benodigdheden voor dit spel dienen makkelijk geworpen te kunnen worden, en ze moeten natuurlijk goed en veilig in een hondebek passen. Tennisballen zijn ideaal, behalve voor de allerkleinste honden; ze zijn zacht en stevig en er valt nauwelijks een manier te bedenken waarop ze een verwonding zouden kunnen veroorzaken. Golfballen daarentegen zijn; hoewel qua afmetingen ideaal voor kleine hondjes; te hard, en als ze in de vlucht gevangen worden kunnen ze de tanden van de hond breken. Kongs zijn uitstekend omdat ze zo grillig stuiteren. Frisbees mogen alleen worden gebruikt bij honden met een gering gewicht; zwaargebouwde of te dikke honden kunnen spieren of gewrichtsbanden beschadigen bij het hoog opspringen om een voorbij zeilende frisbee te vangen.

De verstandige hond legt het geapporteerde voorwerp aan de voeten van zijn mens neer en verzoekt vriendelijk doch dringend of deze het opnieuw wil wegwerpen.

Als de hond een toegewijde kauwer is, moet hij aan een lange lijn en het object wordt dan slechts een klein eindje weggeworpen. Als dan de hond het niet terugbrengt maar er in plaats daarvan op gaat zitten kauwen, kan hij aan de lijn worden ingehaald en vervolgens met een hapje of een aai worden beloond wanneer hij het voorwerp afstaat De meeste honden hebben heel snel in de gaten dat het veel leuker is om te vangen en terug te brengen dan te vangen en te kauwen. Prijzende woorden zijn dan genoeg, en de opvoeding van beide partijen is voltooid.