Jazeker. 

25 jaar geleden kwam hondsdolheid nog vrij regelmatig voor. Het is juist die effectieve vaccinatie waardoor de ziekte thans in grote delen van de wereld praktisch niet meer voorkomt.

Waar vaccinatie niet als routine wordt uitgevoerd blijft hondsdolheid een oorzaak van ziekte en dood.

De waarde van een routinematige vaccinatie in plaatsen waar het virus voorkomt ligt voor de hand. Inenting beschermt honden zowel als mensen.

Maar er zijn vele andere ziekten, lokaal of nationaal, waartegen een hond kan worden beschermd.

Leptospirose wordt overgebracht door ratte-urine. Ieder jaar sterven er mensen en honden aan, maar vaccinatie kan het makkelijk voorkomen. Parvovirus kwam bij honden niet voor tot in de late jaren zeventig, toen het plotseling overal ter wereld toesloeg en complete nesten uitroeide. Ook dit kan makkelijk worden beheerst met behulp van vaccinatie. Datzelfde geldt voor het hepatitis-virus en voor de minder belangrijke maar toch nog lastige kennelhoest.

Bescherming tegen al deze ziektes wordt gegeven in een enkel samengesteld vaccin.

Bij ziektes die in een bepaalde regio heersen kan het risico ook worden verminderd door vaccinatie.

Bordatelle, een kinkhoestachtige kennelhoest, en andere infecties die per seizoen of per regio optreden kunnen door routine-vaccinaties worden voorkomen. Het komt allemaal neer op de vraag wat wenselijker is, preventie of genezing. Vandaag de dag kiezen verstandige honden en mensen het eerste.